The market

The Market

2012
Installation and performance
HIDDEN PLACES & IDENTITIES

Parallel Events Manifesta9
curated by Michela Sacchetto & Francesca Berardi

On Saturday morning at the market, the witch Putheks tells her story:

In 1725, a poor illegitimate girl was accused of witchcraft. She was sentenced to be burned. However, during the journey towards the place of execution, she managed to escape and mysteriously disappear into a hole. People called her the Putheks, literally ‘the witch of the hole’ in Dutch. For centuries, people held her responsible for all that was unexplained. When the mines were established in Genk in the early 20th century, the Putheks started a new life. People said that she lived in the mine galleries and persecuted the miners in their work.

Today, as the mines have closed, she is unemployed and tries to make a living with her new business. She invites passers-by to buy her product: magic coals.



Dames en Heren,

kom gauw dichterbij en luister naar ons verhaal. Wisten jullie al dat er een putheks bestaat? Misschien hebben jullie wel het enorme geluk gehad om net op het goede moment een glimp van haar op te vangen voor ze weer verdween in een wolk zwart stof. Misschien hebben jullie op rustige nachten een gegrom opgemerkt dat van heel ver komt en waarvan je niet kan zeggen waar het prceies vandaan komt. Welja, Dames en Heren, wij zijn niet de enige heersers op aarde ! De heks leeft dicht bij ons en bespiedt elk van onze bewegingen, en wie weet waar ze toe in staat is.

Stellen jullie eens voor : al enkele jare geleden heb ik met haar een afspraak gemaakt, een heel belangrijke afspraak. De mijnwerkers hebben zich lang over haar streken beklaagd (ses mauvais tours), maar toen de mijnen dicht gingen is men haar gaan vergeten, want ze had geen rol meer te spelen. Maar zelf ben ik er niet in geslaagd om de mijn zo snel te vergeten, ik bleef zin hebben om erin af te dalen, iets daar trok mij aan, het was sterker dan mezelf. Ik weet niet waar ik naar op zoek was, het was een ingewortelde gewoonte om er elke dag naartoe te gaan, en daar zomaar van de ene dag op de andere mee ophouden dat kon ik niet. En in de plaats van te verzwakken werd die drang almaar sterker, ik hoorde geluiden, gefluister, gekletter, er moest wel echt iemand zijn met het hetzelfde probleem en ik wou weten wie dat was en dat we mekaar konden troosten. En op een dag stonden we oog in oog met elkaar, ik zou beter zeggen neus tegen neus, want die van jou mag er zijn, mijn beste putheksIk nam mijn moed in mijn twee armen et nam me voor om naar de eisen van de putheks te luisteren. Want in die tijd, dat moet gezegd, was de Putheks erg stout, ze zocht ruzie met iedereen die naar haar duister gebied afdaalde. Je kon maar beter proberen een goede indruk te maken. En zo besliste ik om iets te ondernemen, en liever dan haar te kleineren of de benen te nemen, leek het me slimmer om haar niet tegen de haren in te strijken. Door keer op keer allerlei lekkernijen op het diepste punt van de mijn te deponeren, liet het dierbare schepsel zich stilaan inpalmen, dan heeft eens wat anders te eten dan wormen, dacht ik. Toen ze al wat ontdooid was, ging ik er op los met complimentjes en de dame was geflattereerd, ze hadden altijd schrik van haar gehad, en kijk, nu begon iemand haar het hof te maken. De dame voelde zich alleen, en nu kreeg ze de kans om haar gemoed te luchten. En toen begon ze aan een lange vlijmscherpe aanklacht, het floot en het kletterde, met lange zuchten zoals de wind er soms laat horen in de bomen, lange veelzeggende zuchten. Het meest verwonderlijk was dat ik medelijden begon te hebben, en dat ik onvermoeibaar naar haar kon blijven luisteren.

Ik leerde haar de mensentaal terug aan, en geloof me, ze had een en ander te vertellen. Maar kijk, daar is ze zelf, mijn lieve heks, zou je zelf alle wederwaardigheden van je lange leven aan de mensen hier willen vertellen ? Wie zou dat beter kunnen dan ik, vraag ik me af… Hij wil altijd de slimmerik uithangen, dat zweer ik jullie. Ik ben de Putheks, maar zo heb ik niet altijd geheten. Heel lang geleden noemden ze me Catheleyn Cuypers of Leyn Weckx, mijn geheugen is niet meer zo goed, ik weet niet echt meer hoe ik heette. Ze hielden niet zoveel van mij want ik was de bastaarddochter van een arme familie uit Eksel. De ideale persoon om van zowat alles te beschuldigen waar mensen geen uitleg voor hadden. En zo is dat ook gegaan. Ik werd ervan beschuldigd talrijke misdadige branden aangestoken te hebben. Alles wat niet ging zoals het moest noemden ze hekserij, en geloof me dat je voor bijna niets op de brandstapel belandde. Misschien had ik ze wel geprovoceerd, ik werd als een hond behandeld, het was terugbijten. Maar laat ons niet te subtiel worden want de dorpsbewoners die gingen er vol tegenaan. Ik werd schuldig bevonden en om te beginnen hakten ze mijn rechterhand af. Daarna moest ik stikken en verbrand worden, om te zorgen dat er niets van mij zou overblijven. Ze maakten van de gelegenheid gebruik om een voorbeeld te stellen voor wie de handen teveel zin had om lucifers aan te steken. Maar ik had toch nog iets achter de hand, dat moet ik wel toegeven, dat ze me heks noemden was niet helemaal zonder reden. Toen ze me naar de brandstapel vervoerden, lukte het me om ze zand in de ogen te strooien, ik stampte met mijn voet en een rookwolk omwikkelde me, de wachters hebben alleen vuur gezien, voor ze bijkwamen was ik in een gat in de grond verdwenen. Hoe ze ook zochten ze vonden me niet terug, want als je arm bent zoals ik, krijg je van die sluwe gewoontes, dat helpt soms,, je leert om als een rat weg te glippen. Dit hele verhaal vond plaats in 1725, en sindsdien ging men liever niet ondergronds, bang dat ik weer zou opduiken en dat ik een hand zou weggrissen om de hand die ik kwijt was te vervangen. Eeuwenlang hebben ze me met rust gelaten, wel was ik erg alleen, ze waren tenminste bang van mij, en dat hield me iovereind. Er kwamen wel ooit eens een paar brutale meisjes in hun blootje dansen ergens in de buurt van mijn schuilplaats, dan konden ze zich inbeelden dat ze aan zwarte magie deden. Wel, als je jong bent dan wil wel wat. Als ik welgezind was leerde ik ze een paar bezweringen, ze waren al tevreden als ze mannen verliefd konden doen worden, en zo kregen ze baby’s en verdwenen weer. En was ik weer gerust. En toen, zo’n honderd jaar geleden werd ik op een morgen gewekt door een enorm lawaai. De mensen waren niet langer bang. Ze groeven in de grond met machines, doorboorden de bodem, daalden alsmaar dieper af, ze waren me vergeten, want daar woonde ik toch ! Zonder zich te generen vestigden ze zich midden in mijn territorium. Alsof ik niet bestond ! Niet te verwonderen dat me dat in een verdomd slecht humeur bracht. Bovendien zat er bij hen een idée achter die énorme werf : steenkool. De slimmeriken hadden eindelijk ontdekt dat je nogal wat uit die stukken zwarte steen kon halen. Ikzelf kende er al een eeuwigheid alle geheimen van….maar dat is een ander verhaal. En toen probeerde ik met alle middelen ze tegen te houden. Ik deed muren instorten, ik stuurde mijngas op ze af, net op het goede moment, om zoveel mogelijk slachtoffers te maken. Maar niets hielp, ze kwamen met meer middelen terug, ze hielden vast aan hun steenkool, en ze hadden nooit mankracht tekort om de diepte in te sturen. Ik kan jullie wel zeggen dat ik een fameuze reputatie opgebouwd heb, ik hoef niet jaloers te zijn op de heks van destijds, toen die hier en daar in brand stak. De mensen haatten me en zouden alles gedaan hebben om mij te pakken te krijgen. Ze probeerden zich te beschermen met waardeloze amuletten, gemaakt door tovenaars oplichters, maar de eeuwen die ik ondergronds doorgebracht had hadden mijn macht vergroot, ik was te sterk voor ze. Maar door al mijn strategieën hadden ze haast ongemerkt ferm schrik gekregen. Ze moesten wel erkennen dat het daaronder mijn thuis was en dat ze me daar nog niet zo gauw zouden wegkrijgen.

Maar dan, op een dag, werd alles stil. Het was nochtans geen zondag, maar er hing een doodse stilte in de galerijen. Ik moet toegeven dat ik er koude rillingen van kreeg en ik dacht : wat zijn ze nu weer aan het bekokstoven. Dagen gingen voorbij maar er gebeurde niets. Uiteindelijk begreep ik dat ze ermee klaar waren, met de mijn, het helse lawaai was voorbij. Eerst was ik ferm blij dat ze de pijp uit waren maar mettertijd begon ik me te vervelen, en feite was ik gewoon geraakt aan de mijnwerkers waarmee ik grappen kon uithalen, ik was nu helemaal werkeloos. Hoe ging ik mijn tijd verdrijven nu ze er niet meer waren om mij lastig te vallen. Ik werd er triestig van, en slecht gehumeurd. Ik miste de menselijke aanwezigheid. En vermits ik ze geen schrik meer inboezemde verloor ik stilaan mijn kracht.
Gelukkig is alles veranderd op de dag dat ik deze ondernemende jongeman ontmoet heb. Het begon met geschenken, dan hebben we kennis gemaakt, en ik ging ervan genieten om hem mijn verhaal te vertellen. En hij luisterde zo schattig naar mij dat ik zin kreeg om hem daarvoor te bedanken.

Ja dames en heren, ik heb de heks geholpen om weg te komen uit haar eenzaamheid, en ik ben er flink voor beloond.

Ik heb hem gevraagd wat hij hebben wou, en zoals alle mensen, droomde hij van een beter leven, dat was geen verrassing, met andere woorden : hij wilde rijk worden. Ik heb hem heel spéciale stukken kool gegeven die magisch zijn en meeval en geluk brengen aan hun bezitter. Zo kon hij er een handeltje van maken wat hem rijk zou maken tot het einde van zijn dagen.

Maar ik had moeite om er echt in te geloven… Voor mij had steenkool helemaal niets magisch, men haalt het uit de grond, men verwarmde ermee, punt uit.

Wat een onnozelaar, ik heb hem moeten overtuigen, maar het moest alleen maar uitgeprobeerd worden. De stukken steenkool zijn zo krachtig dat ze meteen effect hebben, je voelt je onmiddellijk sterker.

En het werkte, dames en heren, het werkt, en daar liggen ze voor u, die onvergelijkbare, die wonderbarlijke, die prachtige, mirakuleuze stukken magische steenkool. Ze zijn van u voor slechts 10 euro. Aarzel geen moment meer, ze kunnen jullie leven veranderen, jullie krijgen de kans om alles te veranderen, 10 euro slechts en ik verzeker jullie dat jullie zo tevreden weggaan dat jullie er niet meer van bijkomen tot het einde van jullie dagen.En nu dus heb ik beslist om mijn vriend bovengronds verder te helpen. Van onder de grond uitkomen liever dan te zitten mokken tussen de brokstukken. Mijn kracht groeit elke dag sinds ik jullie mijn verhaal vertel. Want als jullie beslissen om deze zwarte juweeltjes te kopen, dan weet ik dat jullie me niet meer zullen vergeten… zo duidelijk zal het effect te merken zijn in jullie leven.

Niet meer twijfelen, dames en heren, ze liggen klaar voor jullie.